Vaccinatie en preventieve gezondheidszorg
Huisdieren worden jaarlijks gevaccineerd. Vaccineren is een manier om immuniteit op te bouwen tegen een aantal ernstige ziektes. Wanneer jouw dier na het vaccineren in aanraking komt met een bepaalde “vaccin”-ziekte, zal het lichaam voorbereid zijn om zich hiertegen te beschermen. Een voorwaarde bij het toedienen van een vaccin is dat jouw dier op het moment van vaccinatie gezond is. Daarom wordt tijdens deze jaarlijkse controle eveneens een algemene medische check-up uitgevoerd. Hierbij controleren we het hart, de luchtwegen, de ogen, de oren, de tanden, de vacht en het gewicht van jouw dier. We geven hierbij ook de optie om jouw dier preventief te beschermen tegen vlooien, teken en wormen.
Er wordt gevaccineerd tegen:
- Cocktailenting: parvo (kattenziekte), hondenziekte, infectieuze leverziekte, leptospirose (rattenziekte of ziekte van Weil) en parainfluenza virus.
- Als uw hond naar een hotel, pension, bijeenkomst, jacht en/of wedstrijd gaat of uw hond is een brachycefaal ras (kortneuzig): kennelhoest-enting (best in de vorm van een neusdruppel)(parainfluenza virus & Bordetella). Deze kennelhoest enting kan ook nog gegeven worden als “noodenting” na contact met een dier met kennelhoest om uitbraak van de ziekte te verhinderen of milder te laten verlopen. De enting voor kennelhoest kan ook geïnjecteerd worden, maar deze geeft minder lokale immuniteit in de neus en kan ook niet als “noodenting” gebruikt worden.
- Verplicht bij reizen naar het buitenland: hondsdolheidvaccinatie.
- Eventueel bij geboorteproblemen in kennels: herpesvirus.
Veelgestelde vragen over preventieve gezondheidszorg
Wanneer moet ik mijn puppy/hond ontwormen?
Een pup wordt ontwormd op een leeftijd van 2,4,6 en 8 weken. Daarna ontwormt u de pup maandelijks tot hij 6 maanden oud is. Vervolgens raden wij aan uw hond 2 tot 4 keer per jaar te ontwormen afhankelijk van hoe vaak uw hond buiten komt en contact maakt met andere honden. Het ontwormen van uw hond wanneer ze drachtig is, doet u als volgt: U ontwormt de hond 2 weken voor de dekking. U ontwormt haar opnieuw 1 week voor de bevalling. Tot slot ontwormt u haar, samen met de pups, 2 weken na de bevalling.
Merkt u wormen op bij uw hond, dan ontwormt u de hond om de 2 weken tot de hond negatief test voor wormen. Vraag hierover meer informatie aan uw dierenarts.
Wanneer moet mijn pup gevaccineerd worden?
Een pup wordt gevaccineerd op 6,9 en 12 weken. Nadien wordt de hond jaarlijks gevaccineerd tegen hondenziekte, parvo, hepatitis, rattenziekte en kennelhoest. Wanneer je de hond mee wilt nemen naar het buitenland, dan moet hij een hondsdolheidvaccinatie krijgen. Dit vaccin moet om de 3 jaar herhaald worden.
Hoe behandel ik mijn hond/kat tegen vlooien?
Wanneer uw huisdier vlooien heeft, wordt er een actieve behandeling opgestart. Tweewekelijks behandelt u uw huisdier afwisselend met een pipet en tablet tegen vlooien.
U kan er eveneens voor kiezen om uw dier eenmaal te behandelen met een pipet/tablet en vervolgens een band om te doen. Alle dieren in de omgeving moeten minstens 6 maanden behandeld worden.
Wanneer mag mijn hond/kat mee naar het buitenland?
Hond mee naar EU-land: Jouw hond moet minstens 15 weken oud zijn voor hij/zij naar het buitenland mag. Hij/zij moet een officieel Europees dierenpaspoort hebben. Hierin staat het chipnummer van jouw hond en de inentingsbewijzen. Jouw hond moet minstens 21 dagen voor vertrek een vaccin tegen hondsdolheid hebben gehad. Je mag reizen met maximum 5 huisdieren.
Voor sommige landen is het verplicht een titerbepaling te doen. 21 dagen na het zetten van de hondsdolheidvaccinatie wordt er een bloedname gedaan. Het bloed wordt opgestuurd naar een gespecialiseerd laboratorium waar ze de antistoffen van uw hond controleren. De uitslag is binnen enkele weken bekend. Heeft jouw hond op dat moment niet voldoende antistoffen, dan moet de hondsdolheidvaccinatie opnieuw gezet worden. We raden dus aan om dit tijdig in orde te maken voor de reis.
In veel landen is de behandeling tegen teken en wormen verplicht. Deze behandeling wordt door de dierenarts genoteerd in het paspoort van jouw hond. Sommige landen eisen een gezondheidsverklaring gegeven door de dierenarts.
Hond mee naar niet-EU-land : Wanneer u uw hond wil meenemen naar een Niet-Europees land, dan gelden dezelfde regels.
Daarnaast eisen deze landen een legalisatie van de reisdocumenten.
Kat : Jouw kat moet minstens 15 weken oud zijn voor hij/zij mee mag naar het buitenland. Jouw kat moet een officieel Europees dierenpaspoort hebben. Hierin staat het chipnummer van jouw kat en de inentingsbewijzen. Jouw kat moet minstens 21 dagen voor vertrek een vaccin tegen hondsdolheid hebben gehad.
Je mag maximaal reizen met 5 huisdieren. Wil je je kat meenemen naar een niet-Europees land, dan neem je best contact op met de ambassade van dat land.


